Vandaag geen romantisch gedoe. Een 'tot de dood ons scheidt', 'ik mis je' of 'ik kan niet zonder je'. Laten we eens naar de realiteit kijken. Hoe gezond is het eigenlijk als je afhankelijk bent van een partner om je gelukkig te voelen?
Je wordt geboren, wordt verzorgd door je ouders, verlaat het ouderlijk huis en misschien heb je dan al kennis gemaakt met de liefde. Je hele dag is gevuld met liefdesscenario's, je loopt op wolken, wilt alleen maar bij de ander zijn en verdrinken in zijn of haar armen. De liefde voor de ander wordt bijna een obsessie, helemaal als de ander besluit om de relatie te verbreken. Verdriet overspoelt je, je voelt je leeg en denkt dat je nooit meer over dit verlies heenkomt.
Dit scenario wordt doortrokken in je verdere leven. Geeft de ander jou wat je wilt, dan ben je blij. Geeft de ander je niet wat jij wilt, dan ervaar je een gemis. Heb je geen partner dan is de kans groot dat je hunkert naar je wederhelft. Je wilt je weer compleet voelen, verliefd zijn, je dromerig bezighouden met mooie toekomstplannen samen met je nieuwe partner.
Het idee dat een ander je aanvult is romantisch, maar erg onhandig. Daarmee maak je jezelf afhankelijk van die ander. Heeft een ander je lief, dan ben je gelukkig, heeft de ander je niet lief, dan ervaar je een gemis. Zie je de kromheid van deze redenering?
En nu de realiteit. Je hebt niemand nodig om je continu gelukkig te voelen. Een partner die van je houdt is als een bonus. Een extraatje. Gaat de ander weg, dan stort je niet als een kaartenhuis in elkaar.
'Als je de liefde van je leven wilt zien, kijk dan in de spiegel.' (Byron Katie)